Foto van een microfoon

vrijzinnige verhalenavonden

Ken je iemand die zeker ook geïnterviewd moet worden, neem dan zeker contact op met ons.

Gerlant Van Berlaer en Philippe Vandermeer over de start van het Zangfeest

Philippe Vandermeer: Ik denk dat er ongeveer 45 liederen werden gezongen. Dat duurde geweldig lang. De zaal vond dat leuk, maar veel meer dan samen zingen en misschien één of twee korte speeches daarvoor was dat in het begin niet. 
Jimmy Koppen (interviewer): Het heette ook het ‘Zangfeest’ van de VUB. Het is pas een paar jaar later dat je spreekt van het ‘Vrijzinnig Zangfeest van Vlaanderen’. Dat klinkt meteen een stuk grootser van opzet. 
Philippe Vandermeeren:
Ja, aan de ene kant; een beetje. Het vijfde jaar was er minder opkomst dan de drie jaren daarvoor. Ik denk dat het maximaal 300 man is geweest, misschien 350 in het vierde jaar, het vijfde jaar: sneeuw,  slechte omstandigheden, slechte datum… Dan hebben we besloten dat we het op een andere manier moesten aanpakken. Moerman heeft daar, als coördinator, een heel belangrijke rol in gespeeld. Het is ging volgens hem om marketing. Hij was wat dat betreft een moderne studentikoos. Hij heeft ook gezegd dat we er een wedstrijdformule van moesten maken. Dat is de redding geweest van het ‘Zangfeest’ op lange termijn, want je ziet dat er in Vlaanderen nauwelijks nog of geen zangfeesten meer zijn. Brussel kent natuurlijk het festival ‘La Chanson Estudiantine’ aan de ULB, hetgeen ook een wedstrijdformule is. Vanaf dan heb je natuurlijk de aanhang van de kringen die geselecteerd zijn. Later waren er preselecties. Dat is wel de redding geweest, denk ik.
Jimmy Koppen (interviewer): Welke boodschap wou je daar mee overbrengen? Waarom noem je het dan een ‘Vrijzinnig Zangfeest’? 
Philippe Vandermeer: Omdat UVV zou sponseren. 
Gerlant Van Berlaer: Dat staat ook in het reglement. Je moest originele teksten maken en één van de drie voorwaarden, regels – het reglement is zo vaak veranderd en ik heb daar op een bepaald moment zelfs nog een rol ingespeeld – was dat de originele tekst een vrijzinnige inslag moest hebben. Er was ook een Prijs van de Vrijzinnigheid. Ik denk dat we die tien keer gewonnen hebben en twee keer mee naar huis genomen hebben, want de andere keren zijn we die hier vergeten. Dat was een voorwaarde. De teksten moesten vrijzinnig zijn. Wanneer het gaat om het eerste Vrijzinnig Zangfeest van Vlaanderen,  spreken we van 1991. Het is verschillende keren hernummerd geweest. Het is dus moeilijk om de tel bij te houden
Philippe Vandermeer:
Het is één of twee keer hernummerd: vijf keer het ‘Zangfeest van de VUB’ en dan zijn we begonnen met het eerste ‘’Vrijzinnig Zangfeest van Vlaanderen. Het was wat grootser en de component ‘engagement’ was er nadrukkelijker in verweven. Het is, naar mijn gevoel, in de jaren 1980  beginnen opflakkeren. Na tien edities – vijf ‘Zangfeesten van de VUB’ en vijf’ Vrijzinnige Zangfeesten van Vlaanderen’ – hebben we gezegd: “Dit is het elfde Vrijzinnig Zangfeest van Vlaanderen.” We hebben dat gerecupereerd, want het was volgens dezelfde traditie.